Ja hoor mensen, drie dagen gevaren en gewandeld in het Tanjung Puting NP! Varend naar het NP zien we al vrij snel een wilde orang-oetan. Als we stoppen, wandelt hij rustig en geruisloos weg in de dichte jungle. Wel bijzonder, als je hem zo ziet komt hij heel menselijk over. Er zijn zo´n 15.000 wilde, half wilde en gerehabiliteerde orang-oetans in dit gebied. Ze kunnen niet zwemmen, dus ze zijn opgesloten tussen de rivieren. Ze slapen iedere nacht in een nieuw nest dat ze in twee minuten en hoog in de bomen maken. De mannetjes hebben een territorium van ongeveer 10 km2. De gevechten om de macht gaan er keihard aan toe. Ze bijten en knallen met de koppen tegen elkaar, totdat de schedel zelfs kan breken.
Er leven hier onder andere hier ook gibbons, kortstaart en langstaart makaken, zilver en rode langoeren en twee soorten lori´s, maar ook de clouded leopard. En zo´n 220 vogelsoorten.
In de middag gaan we naar het eerste rehabilitatiecentrum van de rivier en zien we de orang-oetans. We lopen een kwartiertje tot twintig minuten en komen op een plaats waar orang-oetans komen. Eerst zien we een semi wild vrouwtje, dan een mannelijk jong en verschillende anderen. Als laatste een groot mannetje, de tweede in rangorde van dit gebied. Hij heeft flinke littekens op zijn voorhoofd en mist vingers, door een gevecht met de koning van het gebied. Vooral mooi om te zien hoe ze via de bomen dichterbij komen en aan de takken hangen.
Ook bezoeken we een dorpje. We wandelen een uurtje over het dijkje waar langs de houten dayak huisjes liggen. Om af te koelen zwemmen kinderen in het slootje langs de dijk. Een man verkoopt gefrituurde bakbananen. We eindigen bij een schooltje en gaan dan terug. 60% van de mensen is moslim, 20% christen en 20% nog de traditionele religie. Er is een houten, vervallen ziekenhuisje met twee zaaltjes of kamertjes. De mensen hechten eigenlijk meer aan de traditionele geneeswijzen dan de moderne.
Tegen de avond komen de neusapen bij de rivier. Grappig om ze in de groepen te zien. We zoeken een plaatsje om te overnachten en meren aan tussen de oeverplanten. In de verte horen we de apen roepen. En we hebben weer een heerlijke maaltijd, met vis, groente en rijst.
Als het net licht wordt, brult een orang-oetan. Het is een mannetje dat een longcall maakt om zijn territorium te bakenen. Een paar minuten lang een geweldig zwaar en hard geluid.
We zien storm storks, de gids heeft ze in twee jaar tijd pas vier keer gezien. Verder zien we een schitterende, grote ijsvogel, met een gele hals en rug, blauwe vleugels en een felrode grote snavel. Heel af en toe zien we een wilde orang-oetan. Ten slotte gaan we een zijrivier op. Het bruine water verandert in kristalhelder water. De rivier is als een spiegel, zodat je de groene jungle in het water terugziet – een plaatje. Uiteindelijk komen we in Camp Leaky aan. Hier is het onderzoekscentrum en vangen ze afgenomen orang-oetans op. We wandelen wat rond en zien een gibbon en langstaart makaken.
De koning van dit gebied is Tom (echt waar Tom!) van 27 jaar oud. Hij heeft de oude koning in een bloedig gevecht verslagen. Het hoofd van de verliezer lag open. Hij is vertrokken en nooit meer teruggezien.
Gelukkig zien we Tom ook. De rangers hadden hem al 2 weken niet gezien, hij moet zijn gebied bewaken. Hij ziet er prachtig uit met zijn gigantische hoofd en grote lijf. Hij weegt zo´n 150 kilo en is veruit de grootste in dit immense gebied. Hij lijkt heel vriendelijk, maar is o zo gevaarlijk. Onze gids weet dat uit eigen ervaring. Bloedig verhaal, maar hij stond bij de keuken van Camp Leaky en zag dat een wild zwijn rijst van Tom wilde inpikken. Vliegensvlug greep Tom met een hand het zwijn bij zijn achterpoot en zwaaide hem in de lucht en met zijn kop tegen de grond. Twee keer, maar het zwijn bewoog nog en zijn poot was gebroken. Daarna wierp hij het zwijn nog twee keer tegen de grond en was hij dood. In de andere hand had hij zijn rijst nog. Hij at daarna verder. Bij die agressie staan zijn haren overeind en zijn de kwabben van zijn gezicht enorm gezwollen.
We hebben een prachtig plekje gevonden bij Camp Leaky. Op een helder riviertje tussen het groen, midden in de jungle. We proberen hier te vissen, maar helaas is het noodweer geworden. Een tropische regenbui.
De volgende ochtend is het helder en worden we bij zonsopgang wakker. We horen de vogels zingen en de gibbons roepen hun mooie, diepe lange kreten. Vissen zwemmen rond en springen, maar ze laten zich niet vangen. In de boom naast onze boot komen allerlei vogels aan. Kleintjes vooral, maar ook de indrukwekkende rhinosaur hornbill en een stukje verder weer een grote kingfisher. Het is nog heerlijk koel en fris.
Beste mensen, dit was een prachtige jungletrip. Mukhlisin (Muh) is een echte natuurliefhebber en uitstekende gids. De kapitein van de Satria 1, Anang, is ook een prima kerel, dus vraag naar hen als je dan toch in de buurt bent. Het eten van de kokkin was voortreffelijk. Via het botenbedrijfje van de familie Majid kun je ze inhuren. Men kent ze wel.
Prachtig verhaal. Je moet er wat voor doen maar dan heb je ook wat. Hier gaat alles goed. We hebben op het ogenblik visite van zo'n viervoetig beest. Waarschijnlijk blijft hij hier voorlopig nog wel rondhangen want hij heeft het prima naar zijn zin. Het is gelukkig geen nachtdier want 's nachts slaapt hij en grote delen van de dag overigens ook.
BeantwoordenVerwijderenGroetjes,
Pa